VAART-bericht van: "Sunniva en David" <[email protected]>
Hans schrijft
De schrijver is WEL aangesloten bij een brancheorganisatie en wel de
kleinste. Ze zijn tot twee maal toe - is mij gezegd- gevraagd om mee te
praten. Ze verkozen echter niet aan te schuiven. Net als bepaalde politieke
partijen, altijd overal kritiek op, altijd de luis in de pels spelen en
vooral dus nergens verantwoordelijk voor zijn. Ik word, ik schreef het al,
er een beetje moe van.
Groet Hans O
'
Je bent niet goed geinformeerd, Hans
onderstaande kun je op de Schuttevaersite vinden. Maar voor jou zet ik het
hier ook nog een keer op.Het was een reactie op uitlatingen van Kees de
Vries die lijken op die van jou.
Hij zei:
ROSR
De Vries maakt zich ook nog zorgen over de nieuwe ROSR-bepalingen. Hij vindt
dat daarmee wel het een en ander is misgegaan. 'Daar zaten alle
organisaties, ook de ASV, met hun volle verstand bij en hebben hun
goedkeuring gegeven. Het valt nog steeds te verdedigen dat je niet oneindig
met overgangsmaatregelen kunt blijven werken, maar dat geldt niet voor alle
bepalingen. Achteraf blijkt bijvoorbeeld uit onderzoek van TNO dat sommige
schepen niet kunnen voldoen aan de geluidseisen. En een alternatief lijkt
ook vaak geen begaanbare weg. Wij willen dat nu gaan repareren. Wij willen
dat schepen die er alles aan hebben gedaan om aan de geluidseisen te voldoen
en de norm niet halen, langdurig of zelfs voor onbepaalde tijd worden
vrijgesteld. En we hebben nog een lijst van punten die pijn doen. Ik vind
bijvoorbeeld dat niemand iets te zoeken heeft in de privéverblijven aan
boord.'
Het commentaar van de ASV dat ze niet voldoende is betrokken rond de
ROSR-bepalingen wuift De Vries weg. 'De ASV heeft overal bijgezeten. In
december heb ik nog persoonlijk de voorzitter gebeld en hem uitgenodigd voor
een gesprek. Hij zei erop terug te zullen komen, maar ik hoorde maar niets.
Vervolgens heb ik Bouke Veltman uitgenodigd voor een gesprek om gezamenlijk
te kijken of we voor een aantal bepalingen voor een aantal categorieën
schepen uitzonderingen kunnen maken. Ik heb de ASV dus twee keer tevergeefs
uitgenodigd. En hetzelfde geldt voor het rapport over de kleine schepen. De
ASV heeft daar bijgezeten en alle opmerkingen van de ASV zijn verwerkt. Wij
hebben echt ons uiterste best gedaan. Maar wij blijven gewoon netjes met de
ASV omgaan.'
ONZE REACTIE:
Nu gaat de heer de Vries toch echt te ver. Iedereen die de Schuttevaer en
Scheepvaartkrant gelezen heeft weet hoe de ASV heeft gereageerd op het
kleine schepen rapport. Ik was er zelf bij en vind nog steeds dat er met
onze kritiek niets gedaan is. De basis was: het rapport werkt vooral toe
naar subsidies voor nieuwbouw en wij willen allereerst dat men zorg draagt
dat bestaande schepen kunnen blijven bestaan. Wij hebben er een heel stuk
aan gewijd dat ook naar de tweede kamer is gestuurd. En we hebben ons
diverse malen gedistantieerd van het rapport. Ook toen de heer de Vries in
deze krant meedeelde dat het rapport op unanieme steun kon rekenen van de
betrokkenen hebben wij direct gereageerd dat dat niet zo was en waarom niet.
Geschiedsvervalsing.
En dan het contact zoeken met de voorzitter. \'s avonds bellen om voor te
stellen dat er \'wel iets te regelen valt voor de spitsen\'. De heer Stam
heeft daarop gereageerd dat het niet alleen om spitsen gaat en dat er dus zo
niets geregeld wordt.
Nu is het natuurlijk meneer de Vries zijn woord tegen het onze, maar goed.
Die reacties van ons op het rapport zijn makkelijk terug te vinden.
En inderdaad heeft de heer de Vries contact gezocht met de Veldman. Dat
heeft na een hoop heen en weer gemail geleid tot onderstaande brief van ons
aan de heer de Vries:
gestuurd op 1 april jongstleden.
Geachte heer de Vries,
Hierbij moeten wij u mededelen dat na ampel beraad het bestuur van de ASV
besloten heeft niet op uw uitnodiging in te gaan. Niet omdat wij niet bereid
zijn over deze problematiek te spreken maar omdat wij het idee hebben door
uw uitlatingen dat er van uw zijde geen open mind is voor ons standpunt en
de basis van het gesprek te smal is.
In uw brief aan de heer Stam schrijft u namelijk:
\"Onze insteek zal zijn om voor de groep schepen die door de overgangseisen
daadwerkelijk in de problemen komt een haalbare oplossing te zoeken.
(...........)Wij hebben van de heer Veldman tijdens het laatste overleg
begrepen dat de ASV samen met ons deze weg wil volgen, hetgeen wij
waarderen\"
Dat betekent dat u in het gesprek van ons verwacht dat we vanuit die
situatie meedenken. Dan is de eerste stap dus al gezet: Het accepteren van
een voor u onafwendbaar iets: de uitvoering van de overgangsregelingen.
Gaan wij in op uw uitnodiging dan gaan we dus akkoord met het \'gegeven\'
dat die overgangseisen uitgevoerd gaan worden. Dat zou vreemd zijn want het
zal u opgevallen zijn dat we daar juist continue tegen ageren.
Bovendien wilt u het gesprek voeren in het kader van het rapport \"kleine
schepen". Daar staan echter wat dit onderwerp betreft slechts 2 relevante
zaken in. De eerste gaat over de geluidseisen, de tweede over het
communiceren betreffende de regelgeving.
Hierbij hebben we dus een heel verschillend uitgangspunt:
· De vraag bij u blijft: het moet, maar hoe?
· wij blijven vinden dat die overgangsregels op zich aan de orde gesteld
dienen te worden.
Verder vinden wij de basis om dit gesprek in te gaan heel smal. We spreken
kennelijk alleen met een beperkt aantal partijen die betrokken zijn geweest
bij het rapport \'kleine schepen\'
Toch schrijft u:
"Geheel conform de inhoud van mijn column heb ik u begin december 2008
opgebeld om u mede namens de andere binnenvaartorganisaties uit te nodigen
voor een overleg over de interpretatie van de hardheidsclausule inzake de
overgangstermijnen ROSR. "
Bij ons als ASV blijft het onduidelijk wie er nu worden bedoeld met \'de
andere binnenvaartorganisaties\' als daar kennelijk de kantoorbonden niet
bij horen.
Want de heer van Toor schrijft: \"Ik wil u er echter op wijzen dat het
geplande gesprek van woensdag 8 april om 14.30 geenszins met \"de
Kantoorbonden\" zal plaatsvinden, maar met partijen die betrokken zijn bij
het rapport over het kleine schip.\"
Bovendien: Gezien de recente uitspraken in de Schuttevaer betreffende de
geluidseisen kunnen wij geen hoop hebben op een andere invalshoek van uw
kant. U denkt kennelijk nog steeds dat het probleem vooral spitsen en
Kempenaars betreft en dat er iets te 'regelen' valt met de Nederlandse
overheid betreffende de hardheidsclausule (wel een aantekening op je
certificaat met grote gevolgen!) Alsof de CCR zich daar aan stoort. Zie wat
er gebeurt met de bruine vloot die op de Oostzee vaart, die zijn gewoon
uitgevaren.
Door dit alles lijkt een gesprek op voorhand zinloos en daarom zien wij als
ASV daarvan af.
Ik hoop u hiermee voldoende op de hoogte gesteld te hebben,
Met vriendelijke groet,
Namens het bestuur van de ASV
Sunniva Fluitsma
om nog even het geheugen op te frissen van de heer de Vries
Opmerkingen ASV naar aanleiding van het concept visie en actieplan "toekomst
klein schip in de binnenvaart"
Reactie op de column van Kees de Vries 15 oktober jl.
In de column van woensdag 15 oktober jongstleden in weekblad de Schuttevaer
schrijft Kees de Vries ". over het eindrapport over de toekomst van het
kleine schip. Het rapport bevat 21 acties om het kleine schip voor de vloot
te behouden en heeft de unanieme steun van de organisaties." Dit is bezijden
de waarheid, tenzij Kees de Vries vindt dat de ASV geen organisatie is.
Wij waren op het laatste overleg waar het concept rapport besproken werd en
ter goedkeuring is voorgelegd aan de aanwezigen.
Wij (ASV) hebben toen duidelijk gezegd dat we het met de strekking van het
rapport niet eens waren en daarnaast binnen het rapport wijzigingen wilden.
Die hebben wij (bij bijna iedere bladzijde) aangegeven. Kees de Vries
beloofde die wijzigingen aan te brengen maar heeft het ons niet meer
voorgelegd. Wij hebben gezegd tijdens datzelfde overleg niet blindelings te
vertrouwen dat het dan wel goed zou zijn, dus hebben onze instemming niet
gegeven.Dus als Kees de Vries dan zegt dat het de unanieme steun heeft
moeten wij dat wel tegenspreken. Wij willen de heer de Vries niet voor de
voeten lopen, maar zullen wel onmiddellijk na het uitkomen van het rapport
duidelijk maken in welke opzichten wij, als ASV, het niet eens zijn met (de
strekking van) het rapport.
Onderstaande opmerkingen zijn gemaakt naar aanleiding van de overleggen die
bijgewoond zijn door de ASV en het (concept) rapport wat uit die overleggen
is voortgekomen. Het rapport is uitgevoerd in opdracht van BOB en EICB. Het
betreft het rapport dat uitgereikt wordt aan de staatssecretaris van Verkeer
en waterstaat.
Uitgangspunt is de diversiteit van de hele vloot te behouden en een tekort
aan kleine schepen in de binnenvaart te voorkomen
De basis van dit stuk zit in het voorkomen van een tekort aan kleine
schepen. Het oogmerk van het convenant getekend met de Minister van Verkeer
en Waterstaat in 2006 is de "... diversiteit van de hele vloot te behouden
en een tekort aan kleine schepen in de binnenvaart te voorkomen. .."
Hieronder volgen algemene opmerkingen die blijven staan ongeacht de
eventuele aanpassingen die de heer de Vries heeft gedaan naar aanleiding van
het laatste overleg waarin het concept besproken is.
1: Het plan waarborgt niet het uitgangspunt een tekort aan kleine schepen in
de binnenvaart te voorkomen.
Het plan richt zich bijna uitsluitend op nieuwbouw en innovaties, wat
gebeurt er met de bestaande kleine schepen?
Het hele plan lijkt te schrijven vanuit het "gegeven" dat de bestaande vloot
kleine oudere schepen (van voor 1976) gaat verdwijnen. De initiatieven zijn
namelijk vooral gericht op nieuwbouw en innovaties. Over de CCR-regels die
zo'n struikelblok vormen voor de kleinere schepen wordt nauwelijks iets
gezegd. Slechts de hardheidsclausule en alternatieve maatregelen komen aan
de orde maar dan alleen als onderwerp waarover gecommuniceerd dient te
worden. Hieruit blijkt dat in dit voorstel men niets wil veranderen aan de
regelgeving van de CCR en de technische wetgeving (ROSR). Het feit dat men
het hierbij alleen heeft over een "start van het communicatietraject" geeft
aan dat men hierin niet de regelgeving aan de orde wil stellen.
Tegelijkertijd kan men er niet onderuit dat geen enkel nieuwbouwproject in
de afgelopen jaren is gelukt. De nieuw te bouwen kleine schepen zijn
simpelweg veel te duur.
Voorstel ASV: zorg dat je in ieder geval de kleine schepen behoudt. En ga
vanuit dát uitgangspunt verder kijken richting eventuele nieuwbouw en
innovaties. Dat betekent dus in ieder geval de CCR regelgeving die ingaat in
2010 van tafel.
2.Het plan waarborgt niet het uitgangspunt om de diversiteit van de hele
vloot te behouden
In dit kader wordt een klein schip gezien als een schip tot 1500 ton. De
grote verschillen daarbinnen wordt geen recht gedaan. Het lijkt erop of
alleen het gehele tonnage van schepen tot 1500 ton gelijk moet blijven. Dat
zou theoretisch ook uit louter (minder aantal) schepen van (bijvoorbeeld)
1500 ton kunnen bestaan. Daarmee wordt het uitgangspunt om de diversiteit
(ook binnen de range van schepen tot 1500 ton) van de hele vloot te behouden
tenietgedaan. Hiermee gaan veel bedrijven dus onbereikbaar worden voor
binnenschepen.
Voorstel ASV: behoud het uitgangspunt om de diversiteit (ook binnen de range
van schepen tot 1500 ton) van de hele vloot door als eerste te streven naar
een oplossing voor het gebrek aan vertrouwen van kleine
binnenvaartondernemers in de toekomst. Een van de uitgangspunten zou daarbij
moeten zijn: de CCR regelgeving die ingaat in 2010 van tafel
3. er is geen voorstel in dit plan om werkelijk het voortbestaan te
waarborgen op economisch vlak.
Alle partijen zijn het erover eens dat de tarieven voor de vervoerders in de
binnenvaart veel te laag zijn. Deze zouden tientallen procenten omhoog
moeten wil men een gezonde onderneming kunnen voeren. Echter, in dit rapport
worden hier geen harde voorstellen voor gedaan. Men komt niet verder dan
afspraken tussen binnenvaartbranche en verladers over bijvoorbeeld
kostendekkende vrachtprijzen etc en een verkenning van samenwerkingsvormen
en ondernemersvormen.
Het verleden heeft nu toch wel geleerd dat we er daar mee niet komen. Dit is
allemaal veel te vrijblijvend. De samenwerkingsverbanden hebben tot nu toe
eerder voor een vrachtprijsverlaging dan voor een vrachtprijsverhoging
gezorgd. We weten dat de vrije markt zoals die nu wordt toegepast in de
(kleine) binnenvaart niet werkt. Het rapport heeft het over "verbetering van
marktbewustzijn", maar als je dat niet koppelt aan marktmacht maakt het niet
uit hoe "bewust" je bent. Dan kom je nog nergens. De individuele schipper
heeft momenteel geen enkele marktmacht. De samenwerkingsverbanden (die
opereren als bevrachter) en de overige bevrachters maken ge(mis)bruik van de
onmacht van de schipper om werk naar zich toe te trekken. (hier kunnen wij
recente voorbeelden van geven)
Voorstel ASV: bodemtarieven, evenredige vrachtverdeling, toerbeurtsysteem.
:
4. Bekostiging en benoeming coördinator kleine schepen
De voortgang van de verschillende acties kan actief worden gestimuleerd en
bewaakt door een coördinator kleine schepen. Deze coördinator wordt door de
branche gedurende een periode van tenminste 3 jaar benoemd. Onze vraag is:
· wie betaalt dat? (tijdens het overleg werd door ons deze vraag gesteld.
Wij kregen de indruk dat een deel van de bekostiging uit de gelden van het
sloopfonds zou komen)
· wie gaat wie benoemen? (wie heeft de expertise en de knowhow betreffende
de kleine binnenvaart, en wie bepaalt wie het meest geschikt is voor deze
functie?)
Voor zover wij het begrepen hebben gaat het Branche overleg Binnenvaart dit
bepalen. Als we er rekening mee houden welke partijen er in de Branche
Overleg zitten is het de vraag of daar de vertegenwoordigers van de kleine
schepen zitten. Ook is het de vraag of dit Branche Overleg zou mogen
beslissen wat er met de middelen gebeurt die door de schippers zijn
opgebracht (het sloopfonds). .
Namens de ASV
David Twigt en Sunniva Fluitsma
* Hoe denk je over het Crisisberaad? www.vaart.nl/peiling
* Het adres voor reacties en nieuwe berichten: [email protected]
* Afmelden op: [email protected] met tekst: unsubscribe VAART-L